


Geschiedenis
In 1990 richtten medewerkers van het Brandwondencentrum in Beverwijk de Stichting Kind en Brandwond op. Vanuit hun ervaringen bij de behandeling en begeleiding van kinderen met brandwonden hadden ze diverse wensen om de zorg te verbeteren – zaken die niet uit de reguliere vergoeding voor ziekenhuiszorg betaald worden. Heel hoog op de verlanglijst stond een verblijfhuis voor de ouders en partners van de patiënten. Toen serviceclub Kiwanis Nederland hiervan hoorde, besloot zij zich in te zetten om dit huis te realiseren.
Bouw en opening
In mei 1991 was de financiering rond en ging een etage van de personeelsflat van het Rode Kruis Ziekenhuis onder de slopershamer. Twaalf kleine kamertjes werden verbouwd tot vier appartementen, gemeenschappelijke ruimtes en een kantoortje voor de coördinator. Kiwanis Nederland zorgde naast de financiering ook voor het ontwerp en de inrichting van de kamers. Vanwege hun enthousiasme en inzet kreeg het verblijfhuis de naam Kiwanishuis. Naast Kiwanis waren er ook andere grote en kleinere sponsors, zoals weekblad Libelle en dagblad de Telegraaf. De bekende televisiepresentatrice Ria Bremer opende het Kiwanishuis op 22 november 1991. Sindsdien logeerden er bijna vijftienhonderd gezinnen.
Persoonlijke ramp
In de eerste vijf jaar woonden ruim 275 gezinnen in het Kiwanishuis, ieder met hun persoonlijke ramp. Bijvoorbeeld een jonge moeder met haar twee kleine kinderen. Eind oktober waren ze naar Beverwijk gekomen, nadat vader een arbeidsongeval had gehad. Pas op vijf april vertrokken zij. Zij hadden het Sinterklaasfeest, Kerst, Oud en Nieuw en Pasen in het Kiwanishuis gevierd. Toen ze naar huis gingen was de vader nog zo beschadigd dat zijn kinderen hem nauwelijks meer herkende en voor zijn echtgenote was de toekomst lang zo duidelijk niet meer. Het is één voorbeeld uit velen. Wanneer een gezin met zo’n groot ongeluk wordt geconfronteerd, is begeleiding hoogst noodzakelijk. Artsen, verpleegkundigen, fysiotherapeut, ergotherapeut, maatschappelijk werker, psycholoog en nazorgverpleegkundige proberen vanuit het Brandwondencentrum als team het gezin op de rails te houden. Voor de patiënt is het fijn als zijn familie in de buurt verblijft en regelmatig op bezoek kan komen. Maar het is ook belangrijk om het gezin zoveel mogelijk bij elkaar te houden. Het Kiwanishuis vormt hierbij een belangrijke schakel.
Indrukwekkende momenten
Sinds de oprichting werd het Kiwanishuis geconfronteerd met enkele grote rampen met meerdere slachtoffers. De Bijlmerramp in oktober 1992 drukte ook op het Kiwanishuis zijn stempel. Twee maanden later volgde de Faroramp. Het maakte de jaarwisseling van 1992, met zoveel verdriet bij elkaar, zeer bijzonder. Toch een glas wijn drinken op de toekomst, die zo vol vragen zit, emotioneel en indrukwekkend! In juli 1996 was de Herculesramp. Ruim drie maanden verbleven de ouders van een aantal slachtoffers in Beverwijk. De psycholoog van het Rode Kruis Ziekenhuis hield hier verscheidene groepsgesprekken. Bewoners vonden overduidelijk veel steun bij elkaar: door samen te praten kwamen ze weer iets verder met het verwerken. Ook na de ramp in Volendam op 1 januari 2001, met veel pubers als slachtoffers, spraken tijdelijk verblijvende ouders in het Kiwanishuis veel over de toekomst van het dorp en hun gezin in het bijzonder. Het Kiwanishuis was voor hen een rustpunt, een plekje waar ze even iets afstand konden nemen van hun zoon of dochter, die door het ongeval zo beschadigd was, lichamelijk, maar ook geestelijk.
Het Kiwanishuis werd te klein
Vanaf 1995 bleek het Kiwanishuis te klein. Omdat er nog een verdieping leeg stond, deed de Stichting een beroep op het Rode Kruis Ziekenhuis om daar gebruik van te mogen maken. Kiwanis Nederland zette zich weer in om ook deze verdieping te transformeren. Op 22 november 1997 konden we tot onze grote vreugde Ria Bremer opnieuw uitnodigen om een tweede etage met zes iets kleinere appartementen officieel te openen.